
Wet scheepsuitrusting
Artikel 23
1
Indien Onze Minister van oordeel is dat uitrusting die is voorzien van het merk van overeenstemming, ook wanneer zij op de juiste wijze aan boord is geplaatst en op de juiste wijze wordt onderhouden en gebruikt voor haar gebruiksdoel, de gezondheid of de veiligheid van de bemanning, de passagiers of andere personen in gevaar kan brengen of het mariene milieu kan aantasten, neemt hij passende voorlopige maatregelen om die uitrusting uit de handel te nemen. Zo nodig verbiedt hij het in de handel brengen van die uitrusting.
2
Onze Minister stelt de andere lidstaten van de Europese Unie en de Commissie van de Europese Gemeenschappen onmiddellijk en onder opgave van redenen in kennis van maatregelen als bedoeld in het eerste lid.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.